Hiv en aids

Hiv is een schadelijk virus dat het afweersysteem afbreekt. Het lichaam raakt op den duur ernstig verzwakt en is daardoor vatbaar voor allerlei infecties en aandoeningen. Zonder behandeling (het nemen van hiv-remmers) is er een kans dat er aids ontstaat en kan de patiënt overlijden.

Voor een kind met hiv (en ook voor de ouders) brengt het leven uitdagingen en onzekerheden met zich mee. Er is gebrek aan kennis over hiv in de omgeving, onnodige angst voor overdracht van hiv en er kleeft een stigma aan. Je krijgt te maken met het verwerken van de diagnose, het wennen aan medicatiegebruik en de vraag aan wie je wel of niet vertelt over hiv. Goede ondersteuning is daarom belangrijk wanneer je kind hiv-positief is.

Hiv-infectie bij kinderen

De kans op overdracht van hiv op een kind tijdens de bevalling is ongeveer 30 procent. Ook als je je kind borstvoeding geeft, is infectie mogelijk. Gelukkig kan een infectie tegenwoordig goed worden voorkomen als je hiv-remmers neemt tijdens de zwangerschap en afziet van het geven van borstvoeding. Het risico op besmetting van de baby kan hierdoor verkleind worden tot minder dan één procent. Het is belangrijk om dit met je arts te bespreken.

Medicatie

Er bestaat geen vaccin tegen hiv en ook geen genezing van hiv. Behandeling is wel mogelijk. Die bestaat uit een combinatie van verschillende medicijnen. Deze ‘combinatietherapie’ onderdrukt de vermenigvuldiging van het virus en stimuleert het afweersysteem. Bespreek de behandeling van je kind met de arts.

Baby’s met hiv

Een baby met hiv moet zo snel mogelijk na de geboorte beginnen met hiv-remmers. Dit kan het best in het ziekenhuis. De medicijnen worden in de vorm van een drankje met een spuitje of via een speen toegediend. Net als bij volwassenen is het belangrijk dat de medicijnen steeds op tijd gegeven worden. Als de baby vier weken oud is, kunnen de medicijnen in de regel gestopt worden.

Zonder behandeling met hiv-remmers wordt ongeveer 25 procent van de kinderen met hiv in het eerste jaar ziek. De verschijnselen van een hiv-infectie bij heel jonge kinderen zijn aanhoudende diarree, slecht groeien, terugkerende schimmelinfecties en een trage ontwikkeling.

Borstvoeding en hiv

Het is belangrijk dat een hiv-positieve moeder geen borstvoeding geeft. Hiv kan namelijk ook via de moedermelk worden overgedragen aan de baby. Je kunt wel je moedermelk afkolven en vervolgens pasteuriseren. Zo is er geen risico voor infectie via de borstvoeding. Baby’s die al zijn geïnfecteerd met het hiv virus hebben in dit geval juist veel baat bij de antistoffen in de moedermelk. Een ander alternatief is donormelk of flesvoeding.

Voor vragen over deze verschillende vormen kun je terecht bij het consultatiebureau of bij een lactatiekundige. Kijk voor een lactatiekundige bij jou in de buurt op NVLborstvoeding.nl

Heb je een vraag?